Tekstlogo: De appel speelt
 
 
 

 


nog xx dagen voor de
première van Herakles

Herakles genomineerd voor Toneel Publieksprijs!

Lees verder...
De Appel blij met positief advies

Lees verder...
Herakles: 4 sterren in NRC Handelsblad en 4 in de Volkskrant!
Ook o.a. Trouw, Den Haag Centraal en De Telegraaf en de publieksreacties laaiend enthousiast
Lees verder...
De Appel wint Den Haag Marketing Promotieprijs!

Lees verder...
De foto's van Herakles
De foto's uit de voorstelling, gemaakt door Leo van Velzen !
Lees verder...
Wethouder Marjolein de Jong opent vernieuwde Appelfoyer
Na de ingrijpende verbouwing werd de vernieuwde Appelfoyer op 17 februari 2012 door wethouder Marjolein de Jong en artistiek leider Aus Greidanus sr. officieel voor geopend verklaard.
Lees verder...
Interviews met Aus Greidanus sr., Aus Greidanus jr., Guus van Geffen, Fred van de Schilde, Bob Schwarze en Hugo Maerten
Aus sr. regisseerde alle marathons, Guus van Geffen ontwierp de decors, Fred van de Schilde deed productieleiding, Hugo Maerten speelde in allemaal, voor Aus jr. is het de eerste en Bob Schwarze speelt Herakles.
Lees verder...
De Herakles cadeaukaart
Koop een mooi vormgegeven cadeaukaart bij de kassa van het Appeltheater. Er zijn cadeaukaarten van € 10,-, € 25,- en € 50,-
Lees verder...
Beleidsplan 2013-2016
Met een terugblik en evaluatie van 2009 - tot op heden en plannen en activiteiten voor de periode 2013-2016
Lees verder...
Gemeente Den Haag helpt De Appel duurzaam te zijn
De Appel vermindert CO2 uitstoot spectaculair
Lees verder...
De Appel krijgt OIKOS Publieksprijs!
Aus Greidanus sr. heeft 17 juni de OIKOS Publieksprijs in ontvangst genomen
Lees verder...

Odysseus

Het thuisfront

Appel en Wereld Aia‘Thuis... wat is dat' vraagt Perimedes, een soldaat onder commando van Odysseus zich vertwijfeld af. Het is een jaar nadat Troje is verslagen, een jaar van oponthoud op Aia het eiland van Kirke. Een plek waar aan vrouwen, drank en ander vertier geen gebrek is, maar waar de oorlogsellende de manschappen niet loslaat. De verschrikkingen vergeten die ze hebben meegemaakt, dat lukt ze niet. Er is de terechte angst dat je na wat je gedaan hebt, wat je hebt moeten doen en wat je is aangedaan, niet meer past in het dagelijks leven. Er is een gevoel dat je ongeschikt bent geworden om je nog druk te maken over gewone, ‘onnozele dingen' zoals

'... elke dag de geiten hoeden, stro snijden, het dak repareren: kan ik dat? ...' [1]

Perimedes is depressief. Hij lijdt aan angsten, die zitten niet alleen in zijn hoofd, zijn hele lijf is ervan doortrokken. Perimedes kan niet verwerken wat hij heeft meegemaakt, hij heeft wat we nu noemen een post traumatisch stress syndroom (PTSS). Mensen hebben deze stoornis wanneer de lichamelijke en geestelijke klachten die ze direct na de traumatische ervaring hebben, niet binnen drie maanden verdwijnen. De gebeurtenis heeft een blijvende pijn veroorzaakt en de klachten die het slachtoffer daardoor heeft, beperken hem in zijn dagelijks functioneren. Soms krijgen mensen pas na maanden of jaren last van de traumatische ervaring. Dat geldt bijvoorbeeld voor slachtoffers van incest en mensen met oorlogservaringen, of mensen die wegens hun politieke of religieuze opvattingen of etnische afkomst vervolgd of gemarteld zijn. Het post traumatisch stress syndroom gaat verder vaak gepaard met gevoelens van depressie en angst of uit zich in onverklaarbare lichamelijke klachten en pijn. [2]

Niet alle soldaten lijden aan dit syndroom, gelukkig, maar toch veel meer dan we vroeger dachten. Pas sinds kort besteedt het ministerie van defensie voor en na uitzending van militairen aandacht aan voorkoming en begeleiding van problemen die met het verwerken van oorlogstrauma's gepaard gaan. In 2000 werd in Doorn het Instituut voor Veteranenzorg geopend. Dit instituut, een samenwerkingsverband tussen het ministerie van defensie, het Veteranen Platform, de Stichting Dienstverlening Veteranen, de Bond van Nederlandse Militaire Oorlogsslachtoffers en het BNMO-Centrum. Het is opgezet als aanspreekpunt voor de veteraan. Twee jaar later is het instituut over gegaan in de Stichting Veteraneninstituut. [3]

Op de website biedt het instituut informatie en mogelijkheden tot het leggen van contact met hulpverleners. Ook geeft het ruimte aan verhalen van veteranen. Bij lezing daarvan wordt gelijk duidelijk hoe verschillend mensen omgaan met hun oorlogservaringen: de een vertelt zijn avonturen als ware het een verhaal uit een jongensboek, een ander vertelt over de nachtmerries en de angsten waaraan hij lijdt. [4]

Dat PTSS een serieus probleem is, wordt ook duidelijk uit het feit dat er naast al bestaande monumenten voor hen die vielen, tijdens oorlogen of vredesoperaties, er sinds kort in Roermond een monument is dat ook aandacht vraagt voor militairen die met mentale problemen kampen na een uitzending. Op het monument is een aparte plaquette aangebracht ter nagedachtenis aan hen die psychisch beschadigd zijn geraakt door deelname aan een uitzending. [5]

Defensie doet samen met de thuisblijvers van uitgezonden militairen van alles om het contact met het thuisfront te behouden. Zo kan men bijvoorbeeld via de site van de Landmacht de verrichtingen bij de verschillende missies volgen en is er een radiostation met rechtstreekse uitzendingen waarin men voor elkaar muziek kan aanvragen. Men doet er alles aan om er bij elkaar de moed erin te houden. Toch lukt dat niet altijd, het is niet mogelijk om elkaar echt goed op de hoogte te houden van wat er aan het front en aan het thuisfront allemaal speelt. Thuiskomen is dan inderdaad niet eenvoudig.

Een indrukwekkende inkijk op de wereld van uitgezonden militairen en de thuisblijvers geeft het boekje Thuisfront Uruzgan, Ervaringen rondom de uitzending naar Afghanistan. Niet alleen de oorlogservaringen en de belevenissen van de gezinsleden thuis zijn aangrijpend en soms schrikbarend, ook het ‘gewone leven' in Afghanistan is huiveringwekkend. Uit het dagboek van een soldaat:

'Het is opvallend hoe slecht de Afghanen met kinderen omgaan. Ze worden vaak aan hun lot overgelaten. Als een klein kind huilt, gooien ze gewoon stenen naar zijn hoofd om hem stil te houden. Laatst kwam een man met een zak bij het kamp aan. Daar stak een armpje van een meisje uit.

De jongens van de hulppost dachten dat het kind dood was, maar het leefde nog. Het was helemaal dichtgesmolten van onderen. Die vader had dat kind gewoon vanaf de oksels in een bak kokend water gehangen, omdat hij het wilde straffen. Je kunt je niet vóórstellen hoe anders die mensen zijn en doen. We kunnen er alleen niet zo lang bij stil blijven staan. Je kunt hier om de tien meter wel een Unicef-projectje starten. Er is geen beginnen aan. Bovendien hebben wij nu eenmaal een andere taak' [6]

Thuisfront Uruzgan is een mooi vormgegeven bundel met foto's, dagboekfragmenten en interviews met thuisblijvers. Schrijnend is het cursief gedrukte tekstje aan het einde van een interview met een jonge moeder, die vol verlangen uitkijkt naar het einde van de missie van haar geliefde:

Twee maanden na terugkeer van Jardy uit Uruzgan, zijn Estella en Jardy uit elkaar gegaan. Dit zou mede veroorzaakt zijn doordat Jardy zou lijden aan een post traumatisch stress syndroom (PTSS). [7]

Odysseusavond 6 op vrijdag 4 april 2008, heeft het post traumatisch stress syndroom als thema. Psychiater Jos Weerts, hoofd van het Kennis- en onderzoekscentrum van het Veteraneninstituut, is de centrale gast. Hij vertelt over zijn ervaringen met oorlogsveteranen o.a. aan de hand van het boek Odysseus in America van Jonathan Shay, een Amerikaanse psychiater. Shay leest Homerus' Odyssee vanuit het perspectief van de oorlogsveteraan.

Aafke de Jong, stagaire dramaturgie Toneelgroep De Appel
[1] Odysseus, deel 2, Aia.
[2] Bron: zie voor een uitgebreide omschrijving van het syndroom http://www.psychowijzer.nl/verschijnselen.p218.html
[3] Zie: www.veteraneninstituut.nl
[4] idem
[5] Bron: Toespraak staatssecretaris ter gelegenheid van het 15 jarig Jubileum van het Veteranenplatform
http://www.nieuwsbank.nl/inp/2004/12/21/F140.htm

[6] Van Zalinge, E. Thuisfront Uruzgan. Ervaringen rondom de uitzending naar Afganistan. Wormer, 2007, p 30
[7] idem. p 25
| Meer